left
http://www.robertvanmeerendonk.nl
foto Van 1995 tot 1996:

7.         NAIROBI

De hoofdstad van Kenia heet Nairobi, maar heeft de bijnaam Nairobbery. Het is, vergeleken met Kampala, een drukke wereldstad en berucht vanwege de vele overvallen en berovingen.

foto

Safari Park Hotel

Het Safari Park Hotel, waar Robert de functie van General Manager had aanvaard, ligt een kilometer of vijf buiten de stad, aan Thikka Road. Het complex telt 204 hotelkamers en 17 suites in koloniale Afrikaanse stijl. De meubilering van de kamers is uitgevoerd met vrij zware, maar heel stijlvolle meubels, gemaakt in Masindi aan de kust van Kenia ten noorden van Mombasa. De kamers en suites staan in laagbouw verspreid in schitterend aangelegde glooiende tuinen, waar honderden volwassen tropische bomen staan en volop bloemen aan de weelderige struiken bloeien.
De hal van het hotel is gelegen in een hoge, ronde Afrikaanse hut ofwel gemeenschapsgebouw. De buitenportiers zijn lange Masai-krijgers. Het hotel beschikt over een aantal zwarte Londense taxi’s voor het vervoer van de gasten. Alle gebouwen zijn geconstrueerd met behulp van donkerbruin geverfde boomstammen en de muren zijn grof wit gestukadoord. De vloeren zijn van natuursteen en de daken zijn met riet of met shingles belegd. Er zijn veel vijvers waarin volop goudvissen, koikarpers en siereenden zwemmen. Op de glooiende gazons lopen pauwen rond.
Verspreid over het terrein liggen acht restaurants, ieder met een eigen thema: Indiaas, Italiaans, Japans, Koreaans, Chinees en een coffeeshop voor het ontbijt en voor de buffetten. Verder is er een aantal bars, zoals de pianobar, de Hemingway-bar en een disco. Een van de meest spectaculaire restaurants van het hotel is de Nyama Choma, dat geroosterd vlees betekent. Daar wordt aan grote ijzeren zwaarden bij een enorm vuur door wel tien koks vlees geroosterd van buffels, zebra’s, krokodillen, struisvogels, gazellen en giraffen. Men zegt dat al deze dieren daar speciaal voor worden gefokt en niet gejaagd in de beschermde omgeving van de parken. Dit restaurant biedt plaats aan 500 gasten. Iedere avond wordt hier een wervelende Afrikaanse dans- en acrobatenshow opgevoerd door een gezelschap dat 'de Safari Cats' heet.
Dan is er nog een apart, heel groot gebouw, met op de eerste etage het zeer luxe Casino en op de begane grond een prachtig fitnesscentrum en tennispark. Hiervandaan worden fitnessprogramma’s uitgezonden op de Keniaanse tv. Verder is er een groot zalencomplex, waaronder een balzaal die makkelijk 1000 congresdeelnemers of feestvierders kan herbergen. Er zijn veel zwembaden die onderling verbonden zijn en door het park slingeren beekjes met hier en daar watervallen en bruggetjes om onderdoor te zwemmen. Verder is er nog een complex met winkeltjes en een directie- en administratiegebouw.

foto
Cottage

Direct grenzend aan het hotel ligt een terrein met daarop 53 bungalows die ook door het hotel worden onderhouden en verhuurd. Dit zijn leuke stenen huizen in de stijl van Engelse cottages: kleine raampjes, een open haard, drie slaapkamers, twee badkamers, een grote keuken en een grote tuin eromheen.
Robert kreeg een van deze bungalows om in te gaan wonen. Hij liet de boel eerst eens goed schoonmaken en ging op zoek naar betere meubelen. Die waren snel gevonden, want achter de gebouwen, waarin de technische dienst en huishouding waren gevestigd, lagen veel opslagplaatsen waarin schitterende stoelen, tafels en bedden stonden die niet meer in gebruik waren. Robert zocht een paar mooie meubels uit en liet die opknappen. Het terras van het huis was volkomen overgroeid met bougainville. Dat liet hij schoonmaken, verbouwen en vergroten. Zo werd het een leuk huis waar we heel goed zouden wonen.
Het klimaat in Kenia is net zo aangenaam als in Uganda. Veel mensen denken dat het in Afrika overal heel erg heet is, maar dat is echt niet het geval. We hebben nooit in landen gewoond met een beter klimaat. Dat komt omdat deze landen rond de evenaar liggen en nogal hoog boven de zeespiegel. Het hele jaar zon en weinig verschil tussen zomer en winter.

Het Safari Park Hotel heeft 700 medewerkers. Een hele klus voor Robert om daar een goed geoliede machine en hardwerkend team van te maken. Hij begon met het bijeenroepen van alle werknemers in de balzaal, om zich aan hen voor te stellen en in wat grove lijnen zijn plannen met het hotel aan te geven. Toen ging hij met de afdelingshoofden om tafel om het dagelijkse programma van de morningmeetings, inspectieronden en het trainingsprogramma door te praten. En hij had veel gesprekken met de hoofdboekhouder; de financiële situatie van het hotel bleek er niet zo goed uit te zien.
De Koreaanse eigenaren hadden op sleutelposities hun eigen Koreaanse medewerkers aangesteld. Ook de onderdirecteur en dus de rechterhand van Robert was een Koreaan, Mr. Kim.
Het hotel was nog in redelijke conditie, maar er was achterstallig onderhoud en vooral achter de schermen was veel aan vernieuwing toe. Jammer genoeg was daar geen geld voor gereserveerd en hadden de Kenianen andere plannen: zoveel mogelijk zakken vullen en zien of er nog iets door de achterdeur kon verdwijnen.
De moedermaatschappij in het Koreaanse Seoul was heel vermogend en was bereid om jaarlijks een financiële injectie te geven om de schulden af te lossen en om de zaak draaiende te houden. Leveranciers die kennelijk nogal veel geld van het hotel te goed hadden, kwamen snel kennismaken met de nieuwe directeur en drongen gelijk aan op snelle betaling van de uitstaande rekeningen. Robert zocht uit wat er zoal nog niet betaald was en wat daarvan de reden was. Hij stuitte op een corrupte situatie. De boekhouder die de rekeningen moest voldoen, had weliswaar van Robert of zijn voorganger goedgekeurde en getekende cheques ontvangen, maar in plaats van ze aan de leveranciers te overhandigen, hield hij ze in zijn bureaulade. Hij liet ze gewoon maandenlang wachten en vertelde hun dat de directeur nog niet voor akkoord getekend had. Zo dreef hij de spanning bewust op. Uiteindelijk zei hij: 'Misschien kan ik iets voor je doen, maar dan wil ik daar wel iets voor hebben.' De leveranciers kwamen over de brug, gaven hem iets onder de tafel en konden vervolgens hun cheques bij de bank verzilveren.

Aanbieding voor Lombok
Yoka kwam over uit Amsterdam en we namen onze intrek in onze toen fris geschilderde en opgeknapte bungalow. We woonden daar nog maar een paar weken, toen ’s nachts de telefoon ging en er een vice president human resources van Sheraton Hotels belde vanuit Australië en aan Robert vroeg hoe het met hem ging. Hij wilde Robert graag terughebben bij Sheraton en bood hem de GM-positie aan van het Sheraton Hotel op het eiland Lombok in Indonesië. Robert had daar niet direct zin in, we waren nog maar pas in Nairobi en Lombok is een wat afgelegen eiland. We vroegen Sheraton naar iets beters uit te kijken. Maar het was duidelijk dat de hoofddirectie van Sheraton in New York lucht had gekregen van de onheuse behandeling van Robert en er iets aan wilde doen.

Golfen met aapjes
Het Safari Park Hotel lag dicht bij de Windsor Country & Golf Club, waar we al hadden overnacht op de terugweg van onze grote safari in Tanzania (zie het hoofdstuk over Kampala). Nu woonden we daar vlakbij en konden dus regelmatig een balletje slaan op deze prachtige golfcourse. Er waren overal aapjes op de baan en in de bomen en soms kwam er een havik uit de lucht vallen die er met je bal vandoor ging. Er werkten honderden vrouwen als greenkeepers en die trokken ’s morgens om vier, vijf uur als de zon opkwam, in een colonne over de golfbaan om de beschadigingen van het golfen te repareren en om te zorgen dat de baan er schitterend bij lag. 

Lustrumdiner van de Chaîne
Robert werd in Kenia opnieuw lid van de Chaîne des Rôtisseurs. In Dubai waren we ook al lid van dit exclusieve, uit de Middeleeuwen stammende eet- en drinkgenootschap. We woonden in Nairobi een aantal zeer chique diners bij. Toen kwam van het bestuur van de Chaîne het verzoek een groot lustrumdiner in het Safari Park Hotel te organiseren, geheel in de stijl van de Chaîne des Rôtisseurs. De eigenaren van het hotel stemden toe, ze wilden dit vooral vanwege de goede publiciteit die het met zich mee zou kunnen brengen. Robert kreeg de leiding over de organisatie. Er zouden 250 gasten komen en alles moest gaan volgens speciaal opgestelde regels. Ruim 125 obers werden getraind. Een zeer exclusief zevengangenmenu werd samengesteld met alles wat daar zoal bij hoort. De training verliep niet zonder problemen, de Keniaanse obers waren niet gewend aan zo’n streng regime en Robert moest een aantal keren hard ingrijpen om een en ander goed en op bijna militaristische wijze te laten verlopen. Het binnendragen van de gangen, het wachten op een seintje om het bord te mogen inzetten, het moment van afserveren, het schenken van de wijn en het water, het schoonhouden van de tafel, het zorgen voor het juiste bestek op het juiste moment – het werd allemaal keer op keer geoefend.
De oberkelner die eerst de leiding had wilde zeker stellen dat alle obers op hetzelfde moment hun twee borden zouden inzetten. Hij had daarvoor twee lampjes aan het plafond van de balzaal laten monteren. Een rode en een groene lamp. Hij stelde zich op bij de lichtknopjes aan de zijkant van de zaal en leerde de obers dat ze naar de lampjes moesten kijken. Als het rood was allemaal wachten en stilstaan, als het op groen ging de twee borden die je had binnengebracht inzetten. Dit leek een aardig plan, maar Robert realiseerde zich al snel dat alle aanwezige gasten dit een vermakelijk systeem zouden vinden. Het zou een lachwekkende vertoning worden. Dus weg met de lampjes en gewoon met een handsignaal het moment aankondigen dat de obers tot actie moesten overgaan.
Een aantal hoogwaardigheidsbekleders kwam over uit Frankrijk en Monaco en er werd een flink aantal nieuwe leden van de Chaîne des Rôtisseurs ingezworen. Het werd een doorslaand succes en het regende complimenten. Er verscheen een verhaal in de krant.

foto

Onvergetelijke safari's

Vanuit Nairobi is het vrij eenvoudig om schitterende safari’s te maken. Meteen al aan de rand van de stad ligt een safaripark. Hier waren in juli 1989 meer dan 2000 olifantenslagtanden, met een waarde van twee miljoen dollar, verbrand door president Moy en Richard Leakey, de directeur van de National Parks. Richard Leakey had ons bezocht in Kampala en daar een lezing gehouden. Dit verbranden van de slagtanden was om de stropers te laten weten dat het ivoor niets meer waard was en niet verhandeld mocht worden. Op de plek waar dit gebeurde, is een monument opgericht.
Ook is er vlak bij Nairobi een park met alleen giraffen. Er is een hotel en een restaurant waar je, staande op een vijf meter hoog balkon, de giraffen kunt voeren. Als je er overnacht, steken de giraffen hun kop door je slaapkamerraam en kijken nieuwsgierig rond of er iets te eten is.
Vanaf het vliegveld van Nairobi vertrekken kleine vliegtuigjes naar verschillende natuurreservaten, waar je kunt overnachten in hotels, lodges of in tentenkampen. We hebben dat een paar keer gedaan en bezochten de beroemde kampen zoals het Governors Camp en het Mara Intrepids Camp. Het waren onvergetelijke vluchten over weidse Afrikaanse savannen. De overnachtingen in de tentenkampen zijn heel comfortabel en de verzorging is op hoog niveau. Soms moet je wel oppassen dat de brutale bavianen niet je tent in komen om eten en andere zaken te stelen. Je gaat ‘s morgen als de zon opkomt op safari en als je wilt nog een keer in de late middag als de leeuwen op jacht gaan.

Dikke Berta en Zwarte Riek
Omdat we een grote tuin bij onze bungalow hadden, leek het ons leuk kippen te houden. We hadden daar geen ervaring mee en kochten dus eerst wat boekjes over het bouwen van kippenhokken en het houden van kippen in het algemeen. We maakten een tekening van een prachtig hok met een binnen- en buitenverblijf en natuurlijk met leghokken, een trapje om naar binnen te kunnen gaan en een paar stokken om de nacht op door te brengen. We hadden inmiddels een parttime tuinman in dienst en we vroegen hem of hij zo’n hok zou kunnen bouwen. Dat vond hij moeilijk, maar hij had wel een vriend die het aan zou kunnen. We spraken het plan een paar keer door en werden het eens over de prijs. Na een week of twee en een paar keer ingrijpen om te krijgen wat we voor ogen hadden, was het hok klaar. Het zag er zo mooi uit dat sommige Afrikaanse werknemers van het hotel ons vroegen of we soms een gastenhuis bij onze bungalow lieten bouwen.
Nu het onderkomen klaar was moesten er kippen komen, we dachten dat we maar moesten beginnen met vijf of zes stuks. Robert haalde een advertentie uit de krant waarin eendagskuikens werden aangeboden. Hij belde op en kreeg een mevrouw aan de telefoon die vroeg hoeveel hij er wilde kopen. Robert antwoordde vijf, waarop de mevrouw zei: 'U bedoelt vijfduizend?' Het bleek een groothandel in eendagskuikens, waar minder dan duizend stuks niet te koop was.
Yoka sprak nog eens met de tuinman en die stelde voor naar een lokale dorpsmarkt te gaan om daar kippen te kopen. Yoka ging met hem op stap en belandde in een piepklein dorpje op een markt waar ze de enige blanke was en daarom veel bekijks trok. Ze zocht vijf mooie kippen uit. We gaven ze namen als Dikke Berta en Zwarte Riek. Na een week vonden we de eerste eieren in het leghok. We lieten die kippen, toen ze eenmaal gewend waren, los in de tuin waar ze enthousiast rondscharrelden. Soms dwaalden ze weleens ver af, maar ’s avonds kwamen ze altijd netjes in het hok terug. Vaak liepen ze de keuken in, als we op het terras zaten. Het voelde aan alsof we kleine keuterboertjes waren geworden. We hadden te veel eieren en konden dus onze tuinman, de werkster, de chauffeur en de wachter daar blij mee maken.
Toen we uit Nairobi vertrokken, hebben we het kippenhok cadeau gedaan aan de tuinman. We denken dat hij het naast zijn eigen huis weer heeft opgebouwd en dat het nu nog steeds als kinderkamer dienstdoet.

World Press Photo
We hadden al een tijdje een leuk contact met het KLM-kantoor en de ABN-AMRO in Nairobi. Om het hotel weer eens in de media te krijgen, nam Robert contact op met de World Press Photo-organisatie in Amsterdam en wist met behulp van sponsoring van de KLM en de ABN-AMRO de expositie naar het Safari Park Hotel te halen. Een interessante bijzaak was, dat de foto die de eerste prijs gewonnen had, er een was van een door machete-slagen zwaar verminkte kop van een Tutsi-man uit Rwanda. Hij was aangevallen tijdens de volkerenmoord in 1994, maar had de aanslag overleefd. Het was een dramatische en indrukwekkende foto, vooral omdat hij op een formaat van meer dan een vierkante meter werd tentoongesteld.

Handel met voorkennis...
KLM wilde in Nairobi een managementvergadering voor alle Afrikaanse vestigingen organiseren. Robert wist dat in het Safari Park Hotel te krijgen en was nauw betrokken bij de gang van zaken. Enige leden van de KLM-top uit Amstelveen kwamen voor deze bijeenkomst naar Nairobi. Tijdens de koffiepauzes en de lunch sprak Robert met de deelnemers aan de vergadering. Ze gingen Kenya Airways overnemen, het ging heel erg goed met de KLM. Er was volop geld in de bank en als je ooit aandelen zou willen kopen, moest je dat nu doen, werd er gezegd. Inside information waarmee Robert zijn voordeel mee dacht te doen door snel een aantal KLM-aandelen te kopen. Het duurde niet lang of de waarde van de aandelen begon te dalen en in plaats van winst was er een fors verlies. We keken het een tijdje aan, maar besloten toen om de handel toch maar weer te verkopen en genoegen te nemen met het verlies. Onze KLM-vrienden hadden het niet bij het goede eind gehad. Hoewel... als we wat meer geduld hadden gehad, was het wel weer goedgekomen met de KLM-investering.

Dromen in Afrika
We gingen vaak boodschappen doen in de stad en waren een keer in een boekwinkel op zoek naar het boek I dreamed of Africa, van de schrijfster Kuki Gallmann. Dit boek is ook verfilmd en we wilden het graag lezen. We vroegen de boekwinkelverkoopster waar het boek stond. Zij wees ons de plek en zei: 'Daar staat nu toevallig ook nog de schrijfster mevrouw Gallmann.' Dat was wel een heel toevallige ontmoeting.
Even buiten Nairobi bevinden zich de oude koffieplantage en het huis van de Deense Karen Blixen, die beroemd is geworden door het verhaal Out of Africa. In 1985 is het verfilmd met Meryl Streep en Robert Redford in de hoofdrollen. Dit huis dateert van rond 1925 en is nu ingericht als een heel sfeervol en nostalgisch museum. Het heeft een mooie, schaduwrijke veranda die overgroeid is met bougainville. We hebben dat plekje een paar keer bezocht en er English tea gedronken. De film hebben we bekeken, het boek gelezen en het huis bezocht van die dappere Deense vrouw die daar probeerde een gelukkig leven te leiden.

Mount Kenya
In oktober 1995 maakten we een tocht naar de heuvels aan de voet van een van de hoogste bergen in Afrika: Mount Kenya. Daar ligt op de evenaar de beroemde Mount Kenya Safari Lodge. Het is gebouwd in 1959 door de rijke Amerikaanse filmster William Holden, de nog rijkere Texas oliemagnaat Ray Ryan en de Zwitserse financier Carl Hirschmann. De Lodge is sinds de opening de verblijfplaats geweest van de internationale jetset. Er is een fantastische ambiance, ieder hoekje ademt een authentieke, maar ook heel chique Afrikaanse sfeer. Er zijn volop dieren in de prachtige tuinen. De Lodge is regelmatig gebruikt als decor voor avonturenfilms die zich in Afrika afspelen.
We sliepen daar in een suite met open haard, gelegen aan de rand van een door hoge bomen omzoomd meertje. We hadden onze verrekijkers meegenomen en boekjes waarin honderden kleurige vogeltjes stonden. We konden er tientallen 'spotten' vanaf ons terras.

Terug bij Sheraton
Het leven in Nairobi beviel ons en er was veel te beleven, zowel in het hotel als daarbuiten in Kenia. We waren er al bijna een jaar, toen er weer een telefoontje van Sheraton kwam, dit keer uit het Verre Oosten. Robert werd gevraagd om General Manager te worden van het Sheraton Surabaya. Dat was een buitengewoon luxe, nieuw vijfsterrenhotel in het centrum van de stad Surabaya. De eigenaar was een rijke Chinees. Dit was een veel betere aanbieding en een kans om weer terug te komen bij de grote Amerikaanse hotelgroep, met perspectief op vele carrièrekansen.
Robert vloog via Singapore naar Jakarta voor sollicitatiegesprekken met de directie van Sheraton in Indonesië en met de Chinese eigenaren van het hotel in Surabaya. De gesprekken vonden plaats tijdens een Chinees diner in het Hilton Hotel in Jakarta. Het liep prima en er werd een heel goed contract aangeboden. Robert aanvaardde de nieuwe baan en was dus weer terug in de Sheraton-familie.
Voor Nederlanders heeft Indonesië nog altijd een heel speciaal plekje. Yoka’s moeder was er geboren en had daar een gedeelte van haar jeugd doorgebracht. Er waren nogal wat nostalgische banden en we herinnerden ons ook dat Anneke Grönloh zo prachtig had gezongen over de mooie stad Surabaya. We pakten onze spullen weer in en lieten ze naar Indonesië verschepen. Na vijfeneenhalf jaar in de 'Pearl of Africa' gingen we verhuizen naar de 'Archipelago of Emeralds' in het Verre Oosten. We hadden er veel zin in en waren blij dat we na al die jaren Afrika in goede gezondheid konden verlaten.